Terug naar het overzicht

Nieuwjaarstoespraak burgemeester Eduard van Zuijlen

Tijdens de nieuwjaarsreceptie van de gemeente Enkhuizen in het Peperhuis hield burgemeester Eduard van Zuijlen zijn traditionele nieuwjaarsspeech. Hieronder kunt u deze in zijn geheel teruglezen.

Corona is voorbij. Gauw terug naar normaal. Niet dus. Oekraïne, dure energie, inflatie, woningnood, stikstofcrisis, klimaatcrisis enzovoorts, enzovoorts. U wordt er dag in dag uit mee geconfronteerd. Privé en via de media. Heel soms is dat leuk – bijvoorbeeld als je naar een oudejaarsconference kijkt. Maar meestal is dat helemaal niet leuk; is het drama dat diep kan ingrijpen op je persoonlijk leven en je persoonlijk welbevinden.

We reageren allemaal verschillend op zo’n situatie vol onzekerheid of misschien zelfs ronduit angst. We sluiten ons af en doen net of het niet bestaat. We kruipen in een hoekje en durven niet meer te bewegen. We dealen ermee zo goed en zo kwaad als het gaat en leven gewoon zoveel mogelijk door zoals we dat altijd deden. We worden actief en proberen problemen aan te pakken.

Alle vormen komen voor en alle vormen zijn oké. We kunnen niet voor een ander bepalen wat de beste strategie is om te leven met een crisis. We kunnen vaak ook heel slecht inschatten hoeveel impact de situatie heeft op het welbevinden van iemand anders. De een is nu eenmaal beter opgewassen tegen onzekerheid dan de ander. En wie gisteren de sterkste was, heeft morgen misschien heel veel steun nodig. En omgekeerd.

Wat niet helpt, wat ons als samenleving niet helpt, is het zoeken van zondebokken. Of zoals dat tegenwoordig heet: het aanhangen van complottheorieën. In het verleden kregen vrouwen de schuld. Heksenjacht. Of Joden. Pogrom. Nu zijn het geloof ik ‘kinder-etende’ bestuurders. Of de chips van Bill Gates…

Ik heb een psycholoog eens horen uitleggen dat we als mens nu eenmaal een verhaal nodig hebben om dingen kloppend te maken in ons hoofd. De behoefte aan zo’n kloppend verhaal wordt groter wanneer dingen voor ons onverklaarbaar zijn of ons vervullen met grote angst. Wanneer je niet weet dat een zonsverduistering wordt veroorzaakt door de stand van aarde, zon en maan samen, dan ga je al gauw denken dat er een godheid is die boos is en de zon verduistert. Dat soort dingen. Corona vervulde ons met angst. Een ongrijpbaar virus dat – toen het begon – op onverklaarbare wijze om zich heen greep en talloze slachtoffers maakte. Het leidde tot angsten en zorgen bij ons allemaal. De ideale voedingsbodem voor complottheorieën. We hebben ze nodig. Althans een deel van ons heeft ze nodig. Om het verhaal in ons hoofd kloppend te maken. Maar erg helpen doen ze niet. We worden er als samenleving absoluut niet beter van.

Wat wel heeft geholpen is de onvoorstelbaar vruchtbare samenwerking op wereldwijde schaal van wetenschappers en overheden. Stukje bij beetje maar in een enorm tempo snappen wat er precies aan de hand was. Stukje bij beetje maar in een enorm tempo analyseren wat de eigenschappen waren van het coronavirus. Stukje bij beetje maar in een enorm tempo ontwikkelen van een werkend vaccin. De mensheid heeft zich van zijn sterkste kant laten zien in zijn verweer tegen een levensbedreigende situatie. Die sterkste kant heet: samenwerking.

Oh ja, er valt van alles te zeggen over de verrijking die het enkelen heeft opgeleverd, over de slechte verdeling tussen rijke landen en arme landen en over nog veel meer mitsen en maren. Maar de kern van het verhaal is toch echt dat samenwerking op wereldwijde schaal, op ongekende schaal, heel veel levens heeft gered. Ook levens van mensen in deze zaal. Misschien ook wel het mijne. Denk ik dan.

Goed samenwerken is een kunst. Maar we weten heel goed dat samenwerking vaak de sleutel vormt tot succes. We weten natuurlijk ook dat dat niet altijd vanzelf gaat. Dat is zo op wereldwijde schaal bij de bestrijding van een pandemie en het is zo op onze eigen kleine lokale Enkhuizer schaal. Ik ga switchen. Van wereldschaal naar klein lokaal. Daar kunnen we ons soms minstens zo druk over maken nietwaar.

Enkhuizen zag in het afgelopen jaar minstens twee nieuwe succesvolle vormen van samenwerking tot stand komen.

Allereerst denk ik dan aan de SV Enkhuizen. Wat een doorzettingsvermogen van de betrokken bestuurders en vrijwilligers! Wat een moed van de leden om de stap samen te zetten. De fusie van Westfrisia en Dindua tot één grote SV Enkhuizen is een feit. Vanaf deze plek: petje af! En dat we de club maar vaak met nieuwe successen in de krant mogen zien.

En dan was er de eerste editie van het Paraplufestival in de afgelopen herfst. Ook een goed voorbeeld van mensen die begrepen dat je samen veel sterker bent dan alleen en dat het ook eigenlijk veel leuker is om het samen te doen. Want wat was nu helemaal het culturele Paraplufestival? Nou eigenlijk vooral een prachtige bundeling van grotendeels al bestaande activiteiten. Maar als je dan de enorme hoeveelheid publiciteit ziet rond dit nieuwe festival, dan snap je hoe effectief samenwerking kan zijn. Ook hier: knap gedaan! Enkhuizen werd er weer een stukje leuker van!

Samenwerking. Het gaat natuurlijk niet altijd van een leien dakje. Bij de gemeente kunnen we daarover meepraten. Maar gelukkig hebben we dit jaar de discussie met de buurgemeenten over de verdeling van de kosten van de ambtelijke fusie kunnen afsluiten. En we zien met veel plezier dat onze ambtelijke organisatie na een aantal moeilijke jaren het lek boven heeft. De SED doet het dankzij steeds betere samenwerking tussen onze medewerkers inmiddels net zo goed als andere gemeentelijke organisaties in ons land. Als je weet hoe complex een gemeentelijke organisatie in elkaar steekt, als je weet onder wat voor ingewikkelde wettelijke omstandigheden zo’n club met een beperkt budget moet werken – en ik wéét dat – dan verdient dat een groot compliment. Jaja, “Het kan natuurlijk altijd beter” hoor ik u denken. Klopt! Dat moet ook en daar wordt onder leiding van onze gemeentesecretaris Nanda Hellingman en haar beide collega’s keihard aan gewerkt. Wordt vervolgd!

Soms ook lukt het niet om tot samenwerking te komen en staat er toch een mooi resultaat. De lichtjesavond van een paar weken geleden was een groot succes dankzij de inspanningen van twee afzonderlijke groepen vrijwilligers. Nog nooit zoveel mensen gezien op de Zuiderhavendijk. Bij de koren in de kerken was het hartstikke druk. Op het stadhuis hoorde ik iemand vragen: wat is dit voor gebouw? Nu ja, dan weet je zeker dat er publiek van buiten Enkhuizen was. Een groot succes die lichtjesavond. Maar laten we wel zijn – in samenwerking was het voor de vrijwilligers wel veel leuker geweest. Daarom vanaf deze plek namens het gemeentebestuur de uitdrukkelijke oproep aan organisatoren van evenementen en andere vrijwilligers: zoek de samenwerking! De meesten hebben die oproep helemaal niet nodig. Enkelen wel. Vandaar dus. Via de subsidieverstrekking en de vergunningen voor evenementen zullen we daar ook wel wat op sturen.

Van de leiding van de crisisnoodopvang aan de Sluisweg heb ik vorige week gehoord dat het aantal vrijwilligers uit Enkhuizen en omgeving zo groot is dat soms niet eens voor iedereen een plek beschikbaar is. Dat vind ik zo mooi. Daar word ik blij van. Net zoals ik blij werd van de 57 gastgezinnen die maandenlang in Drechterland, Stede Broec en Enkhuizen Oekraïense vluchtelingen thuis hebben opgevangen. In de media – en vooral op de social media – lijkt het soms wel alsof er in ons land haast geen mensen meer wonen die vinden dat vluchtelingen een plek moeten hebben en de hulp moeten krijgen die ze nodig hebben. Maar dat beeld klopt dus van geen kanten. Ook niet in Enkhuizen. Het is alleen dat de tegenstanders vaak heel hard roepen en schreeuwen en de voorstanders ondertussen in stilte de handen uit de mouwen steken. Mag ik vanaf deze plek iedereen die heeft aangetoond dat Enkhuizen een gastvrije stad is voor wie in nood is heel erg bedanken voor zijn of haar inzet? Top dat u dit hebt gedaan.

We hebben het in onze mooie stad graag over het roemrijke verleden en de contacten met alle hoeken van de wereld. Onze verantwoordelijkheid nemen in het heden voor wie uit alle hoeken van diezelfde wereld naar Nederland is gekomen hoort er wat mij betreft vanzelfsprekend bij. In verhouding natuurlijk: toen was Enkhuizen de vierde stad van Nederland en nu is het een klein provinciestadje. Dat moeten we niet uit het oog verliezen.

En aan de mensen die rond de ijsbaan wonen: we hebben afspraken gemaakt en daar gaan we ons aan houden. Natuurlijk.

Ik wil nog een heel serieuze zaak bij u aankaarten. Een aantal weken geleden publiceerde RTL Nieuws de resultaten van een onderzoek naar de ondermijningsgevoeligheid van gemeenten in Nederland. Enkhuizen is naar mijn ervaring de kleinste grote stad van Nederland en dat zie je terug in de cijfers. Mag ik dat zeggen? Ja, dat mag ik zeggen. Geboren en getogen in Rotterdam en jarenlang in een Groninger dorpje met 125 mensen gewoond. Ik snap het verschil tussen een grote en een kleine plaats. Dus: Enkhuizen is naar mijn ervaring de kleinste grote stad van Nederland en dat zie je terug in de cijfers. Niet dat dit zo’n onveilige stad is – zeker niet. Wel gebeurt er relatief veel ondergronds. Zijn we kwetsbaar voor de activiteiten van criminelen. Het meest opvallende cijfer – en wat mij betreft ook het meest verontrustende – is dat ongeveer 6,5% van onze jongeren een verhoogd risico loopt om in criminaliteit terecht te komen. Dat is vergelijkbaar met Amsterdam… Enkhuizen staat als kleine gemeente op plek 31 op deze lijst met bijna 350 gemeenten. Dan behoor je voor de jongeren tot de meest risicovolle 10%. Over het gehele plaatje zitten we bij de meest kwetsbare 20%.

Koppel dit aan een nieuwsbericht van vandaag waarin staat dat we eigenlijk in ons land niet weten waarom sommige jongeren kwetsbaarder zijn voor criminaliteit dan anderen en hoe zich dat precies ontwikkelt. Dan weet je: er is werk aan de winkel. Dringend. Voor ons als gemeentebestuur natuurlijk, maar vooral ook voor de samenleving als geheel. Het zijn onze kinderen en kleinkinderen – het zijn uw kinderen en kleinkinderen of die van uw buren. Het kan toch niet zo zijn dat wij zonder in actie te komen toezien hoe 1 op de 16 kinderen tot criminaliteit gaat vervallen? Wat een leven krijgt zo’n kind? Gelukkige criminele bestaan niet, dat weten we al lang. We willen toch dat onze kinderen wel gelukkig gaan zijn? Dat ze niet onder permanente druk en bedreiging komen te staan van de bovenbazen van de criminaliteit? Dat ze uit de klauwen blijven van niets en niemand ontziende mensen die hen alleen maar zien als middel om zelf rijker te worden. Koste wat het kost.

Ik roep u op – hier en nu – om in de organisatie die u vertegenwoordigt of in de wijk-, club- of familieverbanden waar u deel van uitmaakt jongeren een vooraanstaande plaats te gaan geven. Naar ze om te zien en aan henzelf te vragen wat ze nodig hebben voor een goed leven in onze stad. Zelf heb ik voor de eerstvolgende appeltaartsessie op het stadhuis jongeren van Cayen uitgenodigd om van henzelf te horen hoe het in hun leven zit. Wat zij nodig denken te hebben en hoe we daarbij kunnen helpen. Er hebben zich jongeren gemeld die een jongerenraad willen vormen als adviesorgaan van de gemeente. We gaan ze helpen om dit initiatief effectief op de kaart te krijgen. Een kinderburgemeester zal er ook wel komen, al weten we nog niet precies hoe we dat gaan aanleggen.

Het zijn maar kleine dingetjes die ik hier noem; een appeltaartsessie… Hoewel – de vorming van een jongerenraad is weldegelijk een grote stap in de goede richting. Als we allemaal kleine dingetjes doen, gaat er iets groots veranderen. Daar ben ik van overtuigd. Alleen gezamenlijk en in goede samenwerking kunnen we meters gaan maken. Denk niet: dat moeten ze op het stadhuis maar uitvogelen. Het zijn zoals gezegd uw kinderen en die van uw buren. Wees creatief, kom met ideeën, luister goed en vooral: oordeel niet te snel. Er moet echt wat gebeuren met en voor onze jongeren, voor de toekomst van ons mooie Enkhuizen. En, niet te vergeten: Oosterdijk!

Een nieuw jaar dus. Hoe gaat u het in? Pessimistisch? Optimistisch? Realistisch? Geef het maar een naampje. Ik doe het op mijn manier: nieuwsgierig. Open en nieuwsgierig. Er zullen mooie dingen gebeuren, er zullen droevige dingen gebeuren. Vastbesloten ben ik om veel licht te zetten op de mooie dingen, want de droevige weten altijd uit zichzelf meer dan voldoende aandacht naar zich toe te trekken.

2023. Ik ben benieuwd!

Oosterdijk, Enkhuizen, u allen hier in het Peperhuis en alle mensen die dit later lezen: ik wens u namens het gemeentebestuur veel geluk!